.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg) |
|
Dag 2 | Op zoek naar de grote trappen.
Na het ontbijt gaan we terug naar de uitgestrekte velden rondom de lagunes. Met ons minibusje rijden we over de kronkelige zandpaden tussen de velden en gaan op zoek naar de groepen grote trappen. In de uitgestrekte graanvelden rondom de Lagunes komen ze samen om te paren. De mannetjes paraderen in groepen van zo’n vijftigtal bij elkaar over de velden. Het grootste gedeelte van de dag gebruiken we om deze ‘heer van de steppen’ rustig te observeren. Tijdens de balts zetten ze hun veren op en lopen rond als grote witte ballen. Het is de grootste steppevogel en qua gewicht kunnen de mannetjes tot 18 kilogram wegen. De grote trap is zelfs de zwaarst vliegende vogel ter wereld. We picknicken in het gebied en in de loop van de middag beginnen we aan onze rit naar Extremadura. We nemen onze intrek in de bungalows van camping Monfragüe aan de rand van het park en sluiten de dag af met het gezamenlijk diner in het restaurant.
Dag 3 | De riet- en watervogels van Arrocampo en het nationaal park Monfragüe.
Via landelijke paadjes gaan we op weg naar het waterrijke gebied aan de rand van het Embalse Arrocampo Almarez. We rijden door het glooiende landschap met graslanden en eikenbomen waar de zwarte wouw in de lucht cirkelt en de ooievaars lopen te foerageren door het grasland. Onderweg maken we ook nog kans op de grijze wouw en de bijeneter. Eenmaal bij het embalse gaan we op zoek naar riet- en watervogels zoals de purperkoet, de cetti’s zanger en de purperreiger. Tijdens het kijken en observeren hebben we hier een picknick. Daarna rijden we verder naar het nationaal park Monfragüe. Het park staat bekend voor zijn grote groepen vale gieren maar de mogelijkheid bestaat dat we ook andere soorten als de aasgier en de zwarte ooievaar zien. We stoppen bij de belangrijkste uitkijkpunten en beginnen bij de ‘Portilla de Tiétar’. Vanaf het uitkijkpunt aan de andere kant van de rivier kunnen we de vale gieren prachtig observeren. We volgen de rivier naar het volgende punt ‘La Tajadilla’ waar het schouwspel zich herhaalt. Aan het einde van de middag komen we dan aan bij het laatste punt van de dag; de ‘Peña Falcón’. Deze rots is wel de meest bekende van het nationaal park. Aan de andere kant van de Taag kunnen we een grote kolonie vale gieren op hun nesten zien. We wachten rustig af wat er allemaal gaat gebeuren want maar al te vaak zien we de gieren opstijgen en op de thermiek voorbij zweven.
Dag 4 | De steppe van Bélen.
Vanaf ons logeeradres duiken we meteen de binnenlanden in. Hier loopt een prachtige zandpad over de Sierra de Santa Catalina naar Serradilla. Dit rustige, nagenoeg ongebruikt, pad biedt een grote diversiteit aan soorten en alle mogelijkheden om rustig te stoppen en te observeren. We maken kans op de roodkopklauwier, de hop, de tapuit en de bijeneter. Maar de dwergarend, de slangenarend of de rode wouw laten zich hier graag aanschouwen zwevend over de velden op zoek naar voedsel. Langzaam maar zeker zakken we af naar de steppen van Bélen op zoek naar bijzondere soorten als de grote en de kleine trap en de griel maar ook de kuifleeuwerik en de theklaleeuwerik zitten vaak rustig op een paaltje langs de kant van de weg. Regelmatig wordt hier ook de kuifkoekoek gesignaleerd.
Dag 5 | La Serena.
Vandaag hebben we een lange dag voor de boeg. We vertrekken vroeg naar het zuidoosten van Extremadura. Hier vinden we nog een ander prachtig vogelgebied; La Serena. Het landschap is totaal verschillend van dat wat we tot nu toe gezien hebben. Wel haast eindeloze vlaktes domineren deze regio. De ideale plek voor het spotten van de steppevogels. En opnieuw maken we kans op de grote en de kleine trap en de griel. Maar ook de witbuik- en de zwartbuikzandhoen voelen zich prima thuis op de akkers. We hebben alle tijd en gaan de hele dag op zoek door deze omgeving en schuwen daarbij de kleinste zandpaden niet. Want steppevogels zijn nu eenmaal schuwe dieren die ons geduld graag op de proef stellen. Aan het einde van de dag maken we nog een stop bij een van de ruïnes aan de rand van het gebied in de hoop de zwarte tapuit te kunnen vinden.
Dag 6 | Los Barruecos en de vlaktes van Cáceres.
Los Barruecos is een klein maar prachtig stukje natuur. Hier broeden de ooievaars op de enorme granieten rotsblokken rondom het waterreservoir. De broedende stelletjes vliegen af en aan en steeds weer wordt de thuiskomer met uitbundig snavel geklepper begroet. We maken een eenvoudige wandeling door het gebied en zoeken onze weg naar de hoger gelegen plaatsen zodat we hoger staan dan de ooievaars in de hoop dat we dan van bovenaf in hun nest kunnen kijken. ’s Middags maken we nog een toertocht door de vlaktes rondom Cáceres. De kans op de grauwe kiekendief of de rode patrijs is hier reëel aanwezig. Op de rand van een half vervallen muurtje of in de resten van een oude schuur kunnen we zomaar een steenuiltje zien. En qua periode van de reis is de kans groot dat de scharrelaar ook terug is in het gebied. Kortom een geweldig gebied om onze laatste vogeldag mee af te sluiten.
Dag 7 | Terug naar Madrid.
Vandaag nemen we afscheid van Monfragüe. Na het ontbijt verlaten we Extremadura en rijden we terug naar het vliegveld in Madrid.
terug naar boven |